Reactie op de internetconsultatie:
Besluit Veilige Jaarwisseling Inleiding Wij onderschrijven het waarborgen van veiligheid, beperking van overlast en behoud van traditie. Tegelijkertijd constateren wij dat het met de internet consultatie aangeboden besluit op meerdere punten leidt tot onduidelijkheid, extra regeldruk en uitvoeringsproblemen. Wij lichten deze punten hieronder toe en doen suggesties voor verbetering.
1. Scenario’s voor vuurwerk afsteeklocaties
Voor vuurwerkverkooppunten en -organisaties is scenario 1 de meest werkbare oplossing. Hoewel grotere aantallen bezoekers op één terrein aandacht vragen voor veiligheid, biedt dit scenario belangrijke voordelen:
• Gemeenten kunnen een terrein aanwijzen dat aan de veiligheidsvoorwaarden voldoet.
• Toezicht wordt eenvoudiger doordat er sprake is van één centrale locatie.
• Opslag, aflevering en kwaliteitscontrole blijven geborgd onder toezicht van erkende verkooppunten.
Wanneer legale verkooppunten verdwijnen, ontstaan juist nieuwe veiligheidsrisico’s:
• Ongecontroleerde en onveilige opslag;
• Handel in illegaal, zwaarder vuurwerk;
• Permanente verkoop (365 dagen per jaar) met meer overlast.
Het behoud van gecontroleerde verkooppunten is daarom cruciaal voor de veiligheid.
Nadeel van dit scenario is dat groepen mensen dan door het dorp / de stad trekken, wat naar de afsteeklocatie. Dus veel transportbewegingen met vuurwerk en een concentratie van vuurwerk afstekende mensen waardoor de kan op letsel mogelijk toeneemt.
2. Algemeen beeld van de regeling
De huidige opzet doet geen recht aan de intentie van initiatiefneemster mevrouw Bikker om de vuurwerktraditie in aangepaste vorm te behouden. De regelgeving is zó complex dat het risico bestaat dat de AMvB vooral symbolisch wordt, in plaats van een werkbaar alternatief te bieden.
Daarnaast leidt de voorgestelde decentrale uitwerking ertoe dat gemeenten eigen beleid kunnen voeren. Daarmee ontstaat opnieuw een lappendeken aan regels, precies wat de wet wilde voorkomen. De beoogde invoeringsdatum (1 oktober 2026) biedt bovendien weinig tijd voor het ontwikkelen van lokale procedures en het indienen van ontvankelijke aanvragen.
Wat verder ook belangrijk is, is dat Europa bezig is met nieuwe regelgeving voor F1 en F2 vuurwerk om de regels in heel Europa gelijk te trekken. Handhaving wordt makkelijker omdat in de gehele aanvoerketen dezelfde regels van toepassing zijn. Nederland is nu zelf iets aan het bedenken, en wederom wijkt Nederland af van de Europese regels. In de Europese gedachte en het streven naar eenduidige regelgeving is het verstandig om de wet veilige jaarwisseling niet in te laten gaan en aansluiting te zoeken bij de nieuwe Europese aanpak / afspraken, een idee dat de Europa gerichte grootste partij van Nederland, D66, als muziek in de oren moet klinken.
3. Termijnen en aanvraagprocedures
Elke gemeente mag zelf bepalen hoe een ontheffingsaanvraag wordt ingediend. Dit zorgt voor rechtsonzekerheid en gebrek aan uniformiteit. In het concept ontbreken bovendien duidelijke termijnen voor de aanvraag, beoordeling en verlening. Wij adviseren om landelijke richtlijnen en termijnen vast te leggen in het besluit.
4. Aflevering en verkoop
Het besluit stelt drie verkoopdagen vast, maar beperkt aflevering tot 31 december tussen 12:00 – 18:00 uur. Dat is verwarrend: drie verkoopdagen suggereren ruimere mogelijkheden. Daarnaast is het praktisch noodzakelijk dat bestellingen ruim vóór de verkoopdagen worden geplaatst, omdat de schietlijst bij de melding moet worden ingediend. Bestellingen op 29 of 30 december zijn dan feitelijk onmogelijk.
Wij stellen voor dat bestellingen die vóór de ontheffing zijn gedaan en op de schietlijst staan, als rechtsgeldige aankoopverplichtingen gelden zodra de ontheffing wordt verleend.
De verplichting om artikelen kosteloos terug te nemen is eveneens problematisch.
• Verkooppunten moeten dan het hele jaar verzekerd, ingericht en geopend blijven.
• Transport van onverpakte artikelen is risicovol.
• De eis om op 1 januari open te zijn, terwijl retouren onzeker zijn, legt onnodige lasten op. Ook het jaarlijks herhalen van de Bibob-procedure voor verkooppunten is onwenselijk.
De bestaande bevoegdheden in de APV volstaan om misbruik of ongewenst gedrag aan te pakken.
Bovendien nemen de administratieve lasten verder toe, wat het voortbestaan van legale verkooppunten bedreigt.
Wat gebeurt er als er uiteindelijk geen verkooppunten meer overblijven?
Dan kunnen ontheffing houders geen legaal vuurwerk meer verkrijgen — dat ondermijnt de hele opzet van de wet.
5. Schietlijsten en vervangende artikelen
In de huidige tekst is geen regeling opgenomen voor vervangende artikelen. Wanneer een artikel op de schietlijst niet leverbaar is, moet het mogelijk zijn een gelijkwaardig alternatief (met vergelijkbare gevarenklasse) te gebruiken.
6. Toezicht en handhaving
Hoewel de burgemeester bevoegd gezag is, ontbreken aanwijzingen over de inzet van toezichthouders. Gezien de beperkte capaciteit bij politie en de afwezigheid van BOA’s na 22:00 uur is dit een kritieke factor voor de uitvoerbaarheid. Het ontbreken van handhavingscapaciteit mag echter geen grond zijn om ontheffingen te weigeren.
7. Vuurwerkshows en ontstekingsmethoden
Er zou geen beperking moeten gelden voor het aantal shows. Veel verenigingen organiseren bijvoorbeeld een vroege kindershow en een show rond middernacht.
Wij stellen voor maak het mogelijke meerdere shows van elk maximaal 200 kg tussen 18:00 en 02:00 uur toe te staan.
De verplichting om uitsluitend met een aansteeklont te ontsteken is achterhaald. Er bestaan veiligere ontstekingssystemen die geen bewerking van vuurwerk vereisen. Laat de keuze voor de ontstekingsmethode over aan de vereniging, met als voorwaarde dat het vuurwerk niet wordt gemodificeerd.
8. Eisen aan aanvragers
De eis van een VOG is ingrijpend, maar indien toegepast moet worden aangesloten bij de opzet voor de professionele vergunninghouders. Een verkeersovertreding mag geen weigeringsgrond zijn. Daarnaast is het verkrijgen van een aansprakelijkheidsverzekering zeer lastig omdat veel verzekeraars dit risico uitsluiten. Wat resteert zijn dure, soms onbetaalbare opties. Het advies van de burgemeester om een aanvullende vergunning te nemen, mag geen feitelijke verplichting worden.
9. Veiligheidszones en supervisie
In eerdere concepten werden afstanden van 15, 40 en 60 meter genoemd; in het huidige ontwerp staan deze als “PM” vermeld. Als de oorspronkelijke afstanden worden gehandhaafd, zullen weinig terreinen voldoen. Daarnaast is onduidelijk wat de maximale oppervlakte per supervisor is. Om discussies te voorkomen, verzoeken wij deze norm vast te leggen in de AMvB.
10. Evenementenvergunning en regeldruk
De administratieve last voor verenigingen en stichtingen is buitensporig hoog. De vereisten voor lokale ontbrandingen zijn vrijwel gelijkgesteld aan die voor professionele vuurwerkshows, terwijl het gaat om kleinschalige, lokale tradities. De bedoeling was juist om de vuurwerktraditie op bescheiden wijze te behouden. Voor niet-professionele verenigingen zonder ervaring met vergunningprocedures is deze opzet nauwelijks uitvoerbaar.
Wij vragen om een vereenvoudigde, proportionele vergunningprocedure.
Conclusie:
De intentie van het besluit – een veilige en beheerste jaarwisseling – wordt gedeeld. Echter, de huidige opzet leidt tot nieuwe risico’s, uitvoeringsproblemen en verlies van draagvlak.
Wij pleiten daarom voor:
• Keuze voor scenario 1 met gecontroleerde verkooppunten;
• Landelijke uniformiteit in regels en termijnen;
• Praktische uitvoerbaarheid voor verenigingen;
• Reductie van regeldruk en administratieve lasten;
• Realistische eisen aan toezicht, verzekering en afstanden.
Zo kan de wet werkelijk bijdragen aan een veilige, uitvoerbare en gedragen jaarwisseling.