Fegefeuer
VWC lid
Waarom ging het in de stad zo fout tijdens de jaarwisseling? Niet omdat de overheid slecht functioneert, maar omdat ze niet wordt vertrouwd, denkt criminoloog Hans Boutellier. ‘We zijn de hele tijd gekrenkt en beledigd.’
——-
Is de overheid nog wel de baas in de stad? Nu de rook van de jaarwisseling weer een beetje is opgetrokken, mag burgemeester Femke Halsema zich woensdag in de Amsterdamse gemeenteraad verantwoorden voor het straatgeweld gedurende de nacht. In Noord werd de politie bestookt met zware projectielen en – ondanks het vuurwerkverbod – ging in West de Vondelkerk in vlammen op, waarschijnlijk door een afgezwaaide vuurpijl. Boven de markt hangt de vraag: is er een gezagscrisis?
“Ik vind het een beetje te simplistisch om het zo te noemen,” zegt Hans Boutellier (1953), bijzonder hoogleraar polarisatie en veerkracht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en voormalig directeur van het Verwey-Jonker Instituut. “Voor mijn gevoel gaat het verder. Ik denk dat er een structurele systeemhaat ligt onder wat er is gebeurd in de oudejaarsnacht. Het was meer dan uit de hand gelopen impulsiviteit. Het waren ook niet alleen jongeren.”
Wat verstaat u onder systeemhaat?
“De inlichtingendienst AIVD noemt het anti-institutioneel extremisme. Het is een sterk sentiment tegen de instituties, tegen de organisaties die onze samenleving vormgeven, tegen de overheid en alles wat in de ogen van deze mensen niet deugt. De vertegenwoordigers ervan moeten het ontgelden, of dat nu politie, brandweer of ambulancepersoneel is. Het doet er gewoon niet meer toe wie het zijn en hoe belangrijk deze instituties zijn.”
Boutellier schrijft over sociale orde, openbaar bestuur en veiligheid. Zijn laatste boek heet De neo-tribale revolteen gaat over de vijandigheid die de laatste decennia in hoog tempo de samenleving binnen is geslopen. “Onze tijd wordt gekenmerkt door versplintering,” zegt hij. “Die zie je vooral op sociale media, waar voortdurend het sentiment aan de oppervlakte komt. We zijn de hele tijd gekrenkt en beledigd. Een gemeenschappelijke basis, een groot verhaal, is er niet. Mensen hebben geen vanzelfsprekend gevoel meer bij wat een democratie of een rechtsstaat is. Het is iedereen tegen iedereen.”
Dat verklaart nog niet het straatgeweld dat we hebben gezien.
“Vijandigheid is hier de cruciale term. Normale politieke tegenstellingen zijn de laatste jaren veranderd in daadwerkelijke vijandigheid. En een vijand wil je elimineren. Dat zien we elke dag op onze schermen. Als je iemand definieert als een vijand, vind je al snel heel veel goed.”
Zoals het schieten met vuurwerkbommen op agenten?
“Daar komt het op neer. Eigen emotie eerst. Er is wel hang naar gemeenschappelijkheid, maar dan op een hele akelige manier: ongeremd kiezen voor de eigen groep en daarmee dus ook tégen de andere groep. Vandaar dat ik het begrip tribaal gebruik. We leven steeds meer in heel venijnige bubbels.”
Burgemeester Femke Halsema reageerde uiterst gepikeerd op de suggestie dat er een gezagscrisis is, omdat dat betekent dat er iets mis is met het gezag, terwijl er volgens haar iets mis is met het gedrag van sommige mensen.
“Ik kan die redenering wel volgen. Het is een samenlevingsprobleem. Ik heb me ook altijd verbaasd dat criminaliteitsproblemen geweten worden aan de politie, terwijl het toch echt de crimineel is die de misdaad begaat. Dat is hier net zo: het is de burger die over de schreef gaat. De Nederlandse politie gedraagt zich internationaal gezien voorbeeldig.”
Halsema zegt: sommige mensen moeten eens bij zichzelf te rade gaan.
“Het is echt te simpel om meteen te zeggen dat de overheid zijn werk niet goed doet als het uit de hand loopt. Het gaat niet fout omdat de overheid zo slecht functioneert, maar omdat ze niet wordt vertrouwd.”
Maakt de overheid het daar niet zelf naar?
“Tot op zekere hoogte. Maar je hebt kritiek om zaken beter te maken en om dingen onderuit te halen. Als je alleen eindeloos blijft herhalen dat de politie het niet goed doet, ondermijnt dat nog eens extra het gezag.”
Er wordt niet alleen naar de politie gewezen.
“De systeemhaat is ook de politiek ingeslopen. Er zijn partijen die vijandgedreven politiek bedrijven, vooral aan de extreemrechtse kant. Dat is ondermijnend. Ik vind het nogal wat als een politicus als Geert Wilders burgers ophitst om zich, bijvoorbeeld bij de komst van een azc, te verzetten tegen democratisch genomen besluiten. Dat legitimeert systeemhaat. Dat legitimeert het schieten met vuurpijlen op de politie.”
Als mensen spreken over een gezagscrisis, komt meestal meteen de roep om strengere straffen en harder optreden erachteraan.
“Even een misverstand wegwerken: ik ben voor een sterke gezagshand. Het is absoluut niet zo dat ik hier een soft verhaal wil houden…”
Maar de knuppel lost gewoon niets op?
“In de criminologie heb je het zogenoemde barrièremodel: elke barrière die je opwerpt tegen ongewenst gedrag, helpt een beetje. Daarom ben ik bijvoorbeeld voor een vuurwerkverbod. Dat maakt het voor ouders ook makkelijker om het gedrag van hun kinderen te normeren. Zo kan de samenleving zichzelf weer disciplineren en worden de echte probleemmakers, de echte systeemhaters, duidelijker zichtbaar ten opzichte van het meer conformistische deel van de bevolking.”
Maar je hebt er de systeemhaat nog niet mee weggenomen.
“Ik hanteer graag het woord wederkerigheid: geven, ontvangen, teruggeven of doorgeven. Waarom zouden wij ons naar de rechtsorde voegen? Omdat die rechtsorde ons ook iets geeft: veiligheid. Dat besef is weg. Het wordt te weinig uitgedragen.”
Is dat het waar we de overheid op aan moeten spreken?
“Ik heb ons land weleens een pragmacratie genoemd. De overheid is zo gebureaucratiseerd en geprofessionaliseerd geraakt, dat het gevoel is verdwenen dat die overheid er ook voor ons is. Als je vier keer een bandje aan de lijn hebt gehad, wordt die overheid vanzelf wel een vijand. Dat is natuurlijk verschrikkelijk. We hoeven elkaar echt niet lief te vinden, maar je moet wel snappen dat we belang hebben bij de overheid, zoals de overheid moet snappen dat het belang heeft bij zijn burgers.”
Wat is dan de boodschap aan Halsema?
Leg eens uit wat je aan het doen bent?
“Laat het wederzijds belang zien. Ik zou niet graag in haar schoenen willen staan, maar ik vind dat de overheid op dit moment de urgentie van het probleem moet gebruiken om het gesprek met de Amsterdamse gemeenschap op gang te krijgen. Daar hebben we een mooie, maatschappelijke tussenlaag voor: jongerenwerk, scholen, woningcorporaties, sportbonden, de wijkpolitie. Het is misschien allemaal slappe hap wat ik zeg, maar het is wel relevant. Met repressie alleen redden we het niet.”
www.parool.nl
——-
Is de overheid nog wel de baas in de stad? Nu de rook van de jaarwisseling weer een beetje is opgetrokken, mag burgemeester Femke Halsema zich woensdag in de Amsterdamse gemeenteraad verantwoorden voor het straatgeweld gedurende de nacht. In Noord werd de politie bestookt met zware projectielen en – ondanks het vuurwerkverbod – ging in West de Vondelkerk in vlammen op, waarschijnlijk door een afgezwaaide vuurpijl. Boven de markt hangt de vraag: is er een gezagscrisis?
“Ik vind het een beetje te simplistisch om het zo te noemen,” zegt Hans Boutellier (1953), bijzonder hoogleraar polarisatie en veerkracht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en voormalig directeur van het Verwey-Jonker Instituut. “Voor mijn gevoel gaat het verder. Ik denk dat er een structurele systeemhaat ligt onder wat er is gebeurd in de oudejaarsnacht. Het was meer dan uit de hand gelopen impulsiviteit. Het waren ook niet alleen jongeren.”
Wat verstaat u onder systeemhaat?
“De inlichtingendienst AIVD noemt het anti-institutioneel extremisme. Het is een sterk sentiment tegen de instituties, tegen de organisaties die onze samenleving vormgeven, tegen de overheid en alles wat in de ogen van deze mensen niet deugt. De vertegenwoordigers ervan moeten het ontgelden, of dat nu politie, brandweer of ambulancepersoneel is. Het doet er gewoon niet meer toe wie het zijn en hoe belangrijk deze instituties zijn.”
Boutellier schrijft over sociale orde, openbaar bestuur en veiligheid. Zijn laatste boek heet De neo-tribale revolteen gaat over de vijandigheid die de laatste decennia in hoog tempo de samenleving binnen is geslopen. “Onze tijd wordt gekenmerkt door versplintering,” zegt hij. “Die zie je vooral op sociale media, waar voortdurend het sentiment aan de oppervlakte komt. We zijn de hele tijd gekrenkt en beledigd. Een gemeenschappelijke basis, een groot verhaal, is er niet. Mensen hebben geen vanzelfsprekend gevoel meer bij wat een democratie of een rechtsstaat is. Het is iedereen tegen iedereen.”
Dat verklaart nog niet het straatgeweld dat we hebben gezien.
“Vijandigheid is hier de cruciale term. Normale politieke tegenstellingen zijn de laatste jaren veranderd in daadwerkelijke vijandigheid. En een vijand wil je elimineren. Dat zien we elke dag op onze schermen. Als je iemand definieert als een vijand, vind je al snel heel veel goed.”
Zoals het schieten met vuurwerkbommen op agenten?
“Daar komt het op neer. Eigen emotie eerst. Er is wel hang naar gemeenschappelijkheid, maar dan op een hele akelige manier: ongeremd kiezen voor de eigen groep en daarmee dus ook tégen de andere groep. Vandaar dat ik het begrip tribaal gebruik. We leven steeds meer in heel venijnige bubbels.”
Burgemeester Femke Halsema reageerde uiterst gepikeerd op de suggestie dat er een gezagscrisis is, omdat dat betekent dat er iets mis is met het gezag, terwijl er volgens haar iets mis is met het gedrag van sommige mensen.
“Ik kan die redenering wel volgen. Het is een samenlevingsprobleem. Ik heb me ook altijd verbaasd dat criminaliteitsproblemen geweten worden aan de politie, terwijl het toch echt de crimineel is die de misdaad begaat. Dat is hier net zo: het is de burger die over de schreef gaat. De Nederlandse politie gedraagt zich internationaal gezien voorbeeldig.”
Halsema zegt: sommige mensen moeten eens bij zichzelf te rade gaan.
“Het is echt te simpel om meteen te zeggen dat de overheid zijn werk niet goed doet als het uit de hand loopt. Het gaat niet fout omdat de overheid zo slecht functioneert, maar omdat ze niet wordt vertrouwd.”
Maakt de overheid het daar niet zelf naar?
“Tot op zekere hoogte. Maar je hebt kritiek om zaken beter te maken en om dingen onderuit te halen. Als je alleen eindeloos blijft herhalen dat de politie het niet goed doet, ondermijnt dat nog eens extra het gezag.”
Er wordt niet alleen naar de politie gewezen.
“De systeemhaat is ook de politiek ingeslopen. Er zijn partijen die vijandgedreven politiek bedrijven, vooral aan de extreemrechtse kant. Dat is ondermijnend. Ik vind het nogal wat als een politicus als Geert Wilders burgers ophitst om zich, bijvoorbeeld bij de komst van een azc, te verzetten tegen democratisch genomen besluiten. Dat legitimeert systeemhaat. Dat legitimeert het schieten met vuurpijlen op de politie.”
Als mensen spreken over een gezagscrisis, komt meestal meteen de roep om strengere straffen en harder optreden erachteraan.
“Even een misverstand wegwerken: ik ben voor een sterke gezagshand. Het is absoluut niet zo dat ik hier een soft verhaal wil houden…”
Maar de knuppel lost gewoon niets op?
“In de criminologie heb je het zogenoemde barrièremodel: elke barrière die je opwerpt tegen ongewenst gedrag, helpt een beetje. Daarom ben ik bijvoorbeeld voor een vuurwerkverbod. Dat maakt het voor ouders ook makkelijker om het gedrag van hun kinderen te normeren. Zo kan de samenleving zichzelf weer disciplineren en worden de echte probleemmakers, de echte systeemhaters, duidelijker zichtbaar ten opzichte van het meer conformistische deel van de bevolking.”
Maar je hebt er de systeemhaat nog niet mee weggenomen.
“Ik hanteer graag het woord wederkerigheid: geven, ontvangen, teruggeven of doorgeven. Waarom zouden wij ons naar de rechtsorde voegen? Omdat die rechtsorde ons ook iets geeft: veiligheid. Dat besef is weg. Het wordt te weinig uitgedragen.”
Is dat het waar we de overheid op aan moeten spreken?
“Ik heb ons land weleens een pragmacratie genoemd. De overheid is zo gebureaucratiseerd en geprofessionaliseerd geraakt, dat het gevoel is verdwenen dat die overheid er ook voor ons is. Als je vier keer een bandje aan de lijn hebt gehad, wordt die overheid vanzelf wel een vijand. Dat is natuurlijk verschrikkelijk. We hoeven elkaar echt niet lief te vinden, maar je moet wel snappen dat we belang hebben bij de overheid, zoals de overheid moet snappen dat het belang heeft bij zijn burgers.”
Wat is dan de boodschap aan Halsema?
Leg eens uit wat je aan het doen bent?
“Laat het wederzijds belang zien. Ik zou niet graag in haar schoenen willen staan, maar ik vind dat de overheid op dit moment de urgentie van het probleem moet gebruiken om het gesprek met de Amsterdamse gemeenschap op gang te krijgen. Daar hebben we een mooie, maatschappelijke tussenlaag voor: jongerenwerk, scholen, woningcorporaties, sportbonden, de wijkpolitie. Het is misschien allemaal slappe hap wat ik zeg, maar het is wel relevant. Met repressie alleen redden we het niet.”
Onder het straatgeweld van oud en nieuw zit systeemhaat, ziet criminoloog Hans Boutellier: ‘Het is iedereen tegen iedereen’
Waarom ging het in de stad zo fout tijdens de jaarwisseling? Niet omdat de overheid slecht functioneert, maar omdat ze niet wordt vertrouwd, denkt criminoloog Hans Boutellier. ‘We zijn de hele tijd gekrenkt en beledigd.’