APELDOORN - Volgens de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG) blijft het nodig om te wijzen op de gevaren van het op onjuiste wijze afsteken van vuurwerk.
Vuurwerk ligt steeds meer onder vuur. Een groeiend aantal mensen ziet een totaal verbod best zitten. Maar voor vele anderen blijft het afsteken van pijlen en potten met oud en nieuw hét klapstuk van het jaar. Voor voor- én tegenstanders geldt: wees voorzichtig. De VNOG zet de aandachtspunten en tips nog maar weer eens op een rij.
Overbodig? Dat weten we nu wel? Blijkbaar niet, want elk jaar gebeuren er veel ongelukken met vuurwerk. ,,Soms omdat het vuurwerk niet goed is, maar meestal omdat kinderen, en volwassenen, er niet goed mee omgaan”, weet een woordvoerster van de VNOG. De eerste veiligheidsregels komen al om de hoek kijken voordat het afsteken begint. De zegsvrouw somt ze op: ,,Experimenteer niet zelf met vuurwerk: maak vuurwerk nooit open; steek vuurwerk niet los in jas- of broekzakken; trek kleding aan die tegen een stootje of vonk kan, dus geen nylon, en ook niet iets met een capuchon; lees de gebruiksaanwijzing van tevoren, in het donker kun je niet lezen.”
Klinkt logisch, maar volgens de voorlichtster is het geen verspilde moeite om dit soort ogenschijnlijke open deuren te blijven intrappen. Ze voegt de daad bij het woord met wat tips voor het afsteken: ,,Zorg dat siervuurwerk altijd stevig en stabiel staat. Zet pijlen altijd in een fles, half gevuld met zand. Sla voor grote vuurpijlen een pvc-buis in de grond. Zet vuurwerkpotten altijd klem tussen twee stenen. Steek vuurwerk aan met een aansteeklont, sigaret of sigaar. Gebruik nooit lucifers of een aansteker. Steek geen vuurwerk uit je hand af, en steek weigeraars nooit opnieuw aan. Zorg dat anderen minstens zes meter afstand houden. Gooi nooit vuurwerk naar iemand toe, ook niet naar dieren.”
Veel mensen ruimen na het afsteken van vuurwerk de rommel op. Maar niet iedereen doet dat. ,,Je moet zeker geen vuurwerk laten liggen dat niet is afgegaan. Veel kleine kinderen zoeken de volgende dag naar vuurwerkresten en proberen die opnieuw af te steken”, waarschuwt de woordvoerster. Het opzetten van een vuurwerkbril raadt ze aan.
Ze wil ook wat kwijt over de wensballon, die aan populariteit wint. ,,Een wensballon brandt zo’n 5 minuten en legt zo’n anderhalve kilometer af door de lucht. De ballon bereikt gemiddeld een hoogte van 200 meter. Tijdens de vlucht komt de ballon ook bomen, huizen en hoogspanningsleidingen tegen en kan dus vallen of daarin blijven hangen. De brander van de ballon is vaak niet helemaal afgekoeld op het moment dat de ballon weer land of een hoger object raakt. Het is al diverse malen gebeurd dat woningen in brand zijn geraakt door wensballonnen. Let dus op dat de wensballon zweeft op een plek waar vrije ruimte is.”
De voorlichtster wijst ook op het moment tussen aansteken en oplaten van de wensballon. ,,Wanneer de ballon scheef omhoog gaat dan kan de brander hete vloeistof lekken. Of kunnen personen door wind de brandende wensballon tegen zich aan krijgen. Zorg dus dat mensen altijd aan de juiste kant van de ballon staan. Bij een windkracht van 2 Bft of meer wordt de wensballon instabiel. Leveranciers kunnen niet garanderen dat de ballon dan nog veilig gebruikt kan worden. Er staat in ons land vaak meer wind dan 2 Bft...”
Bron
Vuurwerk ligt steeds meer onder vuur. Een groeiend aantal mensen ziet een totaal verbod best zitten. Maar voor vele anderen blijft het afsteken van pijlen en potten met oud en nieuw hét klapstuk van het jaar. Voor voor- én tegenstanders geldt: wees voorzichtig. De VNOG zet de aandachtspunten en tips nog maar weer eens op een rij.
Overbodig? Dat weten we nu wel? Blijkbaar niet, want elk jaar gebeuren er veel ongelukken met vuurwerk. ,,Soms omdat het vuurwerk niet goed is, maar meestal omdat kinderen, en volwassenen, er niet goed mee omgaan”, weet een woordvoerster van de VNOG. De eerste veiligheidsregels komen al om de hoek kijken voordat het afsteken begint. De zegsvrouw somt ze op: ,,Experimenteer niet zelf met vuurwerk: maak vuurwerk nooit open; steek vuurwerk niet los in jas- of broekzakken; trek kleding aan die tegen een stootje of vonk kan, dus geen nylon, en ook niet iets met een capuchon; lees de gebruiksaanwijzing van tevoren, in het donker kun je niet lezen.”
Klinkt logisch, maar volgens de voorlichtster is het geen verspilde moeite om dit soort ogenschijnlijke open deuren te blijven intrappen. Ze voegt de daad bij het woord met wat tips voor het afsteken: ,,Zorg dat siervuurwerk altijd stevig en stabiel staat. Zet pijlen altijd in een fles, half gevuld met zand. Sla voor grote vuurpijlen een pvc-buis in de grond. Zet vuurwerkpotten altijd klem tussen twee stenen. Steek vuurwerk aan met een aansteeklont, sigaret of sigaar. Gebruik nooit lucifers of een aansteker. Steek geen vuurwerk uit je hand af, en steek weigeraars nooit opnieuw aan. Zorg dat anderen minstens zes meter afstand houden. Gooi nooit vuurwerk naar iemand toe, ook niet naar dieren.”
Veel mensen ruimen na het afsteken van vuurwerk de rommel op. Maar niet iedereen doet dat. ,,Je moet zeker geen vuurwerk laten liggen dat niet is afgegaan. Veel kleine kinderen zoeken de volgende dag naar vuurwerkresten en proberen die opnieuw af te steken”, waarschuwt de woordvoerster. Het opzetten van een vuurwerkbril raadt ze aan.
Ze wil ook wat kwijt over de wensballon, die aan populariteit wint. ,,Een wensballon brandt zo’n 5 minuten en legt zo’n anderhalve kilometer af door de lucht. De ballon bereikt gemiddeld een hoogte van 200 meter. Tijdens de vlucht komt de ballon ook bomen, huizen en hoogspanningsleidingen tegen en kan dus vallen of daarin blijven hangen. De brander van de ballon is vaak niet helemaal afgekoeld op het moment dat de ballon weer land of een hoger object raakt. Het is al diverse malen gebeurd dat woningen in brand zijn geraakt door wensballonnen. Let dus op dat de wensballon zweeft op een plek waar vrije ruimte is.”
De voorlichtster wijst ook op het moment tussen aansteken en oplaten van de wensballon. ,,Wanneer de ballon scheef omhoog gaat dan kan de brander hete vloeistof lekken. Of kunnen personen door wind de brandende wensballon tegen zich aan krijgen. Zorg dus dat mensen altijd aan de juiste kant van de ballon staan. Bij een windkracht van 2 Bft of meer wordt de wensballon instabiel. Leveranciers kunnen niet garanderen dat de ballon dan nog veilig gebruikt kan worden. Er staat in ons land vaak meer wind dan 2 Bft...”
Bron